Sociale vorming & Actief burgerschap Duinzigt wil meer bieden dan een opleiding tot een diploma. Om te slagen in de maatschappij is persoonlijke vorming minstens zo belangrijk. Daarom biedt Duinzigt binnen en buiten lesverband een groot aantal vormende activiteiten aan. Deze worden zoveel mogelijk op elkaar afgestemd zodat doorlopende leerlijnen ontstaan. Bij ‘Sociale vorming & Actief burgerschap’ onderscheiden we drie domeinen: zijn, denken en doen.
Zijn Bij ‘zijn’ gaat het om de vraag ‘wie ben ik in relatie tot anderen?’. De vakken godsdienst en sociale vorming spelen hierbij een belangrijke rol. Bij godsdienst maken leerlingen (nader) kennis met het Christendom en alle andere wereldgodsdiensten. Ook zijn er vieringen en acties voor goede doelen. Het vak sociale vorming beoogt het zelfvertrouwen van leerlingen te vergroten en de sociale omgang met anderen te versterken. Het motto is ‘ik ben oké, jij bent oké’. Staat in klas 1 nog vooral de omgang met elkaar binnen de school centraal, in klas 2 wordt de sociale omgeving buiten de school erbij betrokken. Daarnaast zijn er excursies, gastsprekers en theatervoorstellingen.
Denken Leerlingen zullen later als democratische burgers moeten kunnen functioneren. Dat betekent dat ze niet alleen de ‘spelregels’ van de rechtstaat kennen, maar dat ze ook weten hoe ze zelf invloed kunnen uitoefenen. Bij de vakken geschiedenis en maatschappijleer wordt hier heel nadrukkelijk bij stilgestaan. Het gaat om democratie in het groot (Europa, Tweede Kamer), maar ook in het klein (klas, school). Zo speelt de Leerlingenraad in dit verband een belangrijke rol.
Doen Bij ‘doen’ gaat het erom dat leerlingen iets voor een ander doen zonder daarvoor in materiële zin iets terug te krijgen. Al deze vrijwilligerstaken samen vormen de maatschappelijke stage. Al vanaf klas 1 zijn er activiteiten waarbij leerlingen de handen uit de mouwen steken. Het accent ligt in klas 3 waar leerlingen zelfstandig en in hun eigen tijd ongeveer 24 uur stage lopen. Dit gebeurt niet onvoorbereid. Zo zijn er lessen in het omgaan met demente bejaarden en rolstoelvaardigheidslessen. Met Pasen, Pinksteren en Kerstmis bezoeken leerlingen respectievelijk gehandicapte jongeren, ouderen en (jonge) gedetineerden.
|